Iemand heeft u schade berokkend, maar u heeft geen contract met die persoon. Toch staat u niet met lege handen. Via de onrechtmatige daad van artikel 6:162 BW kunt u schadevergoeding eisen. In dit artikel leg ik uit welke vereisten gelden, wie aansprakelijk is en hoe u uw vordering opbouwt.
Mr. Patricia van Dongen | Advocaat verbintenissenrecht
Leestijd: circa 5 minuten | Bijgewerkt: 2026
Wat is een onrechtmatige daad?
Een aannemer die bij de buren werkt, raakt met zijn graafmachine uw gasleiding. Een concurrent verspreidt valse verhalen over uw bedrijf. Een bestuurder laat zijn BV bestellingen plaatsen terwijl hij weet dat er nooit betaald wordt. Drie heel verschillende situaties. Eén gemeenschappelijke noemer: er is geen contract, maar er is wel schade.
Daarvoor bestaat de onrechtmatige daad. Artikel 6:162 BW bepaalt dat wie jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt die hem kan worden toegerekend, de schade moet vergoeden die de ander daardoor lijdt.
Het verschil met wanprestatie is fundamenteel. Bij wanprestatie schiet iemand tekort in een afspraak die hij met u heeft gemaakt. Bij een onrechtmatige daad overtreedt iemand een norm die voor iedereen geldt. U hoeft de dader nooit eerder te hebben ontmoet.
Aan welke vijf vereisten moet u voldoen?
Een vordering uit onrechtmatige daad slaagt alleen als aan vijf vereisten is voldaan. Mist er één, dan strandt de hele vordering. Ik zie in de praktijk vaker dat zaken op het vierde of vijfde vereiste sneuvelen dan op het eerste.
1. Er is sprake van onrechtmatigheid
De wet kent drie categorieën:
- Inbreuk op een recht. Iemand beschadigt uw eigendom, schendt uw privacy of tast uw goede naam aan.
- Strijd met een wettelijke plicht. Iemand overtreedt een wettelijke norm: een veiligheidsvoorschrift, een bouwregel, een milieuverplichting.
- Strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid. Het ongeschreven recht. Iemand gedraagt zich zo onzorgvuldig dat het in het maatschappelijk verkeer niet door de beugel kan.
Die derde categorie is de meest open, en daarmee de meest omstreden. Bij gevaarzetting toetst de rechter aan de bekende Kelderluik-criteria uit 1965: hoe groot was de kans op een ongeval, hoe ernstig kon de schade zijn, hoe bezwaarlijk waren voorzorgsmaatregelen en hoe waarschijnlijk was het dat anderen onoplettend zouden zijn?
Er geldt één uitzondering: een rechtvaardigingsgrond neemt de onrechtmatigheid weg. Denk aan noodweer of het uitvoeren van een wettelijk voorschrift.
2. De daad kan aan de dader worden toegerekend
Toerekening loopt via twee routes. Ofwel de dader heeft schuld: hij had anders kunnen en moeten handelen. Ofwel de schade komt voor zijn rekening krachtens de wet of de verkeersopvattingen, ook zonder schuld.
3. Er is schade
Zonder schade geen vergoeding. Vermogensschade (kosten, verlies, gederfde winst) is de hoofdregel. Immateriële schade, smartengeld, is alleen in de gevallen van artikel 6:106 BW toewijsbaar, bijvoorbeeld bij lichamelijk letsel of aantasting van uw eer en goede naam.
4. Er is causaal verband
De schade moet het gevolg zijn van de onrechtmatige daad. Eerst de vraag: zou de schade ook zijn ontstaan zonder die daad? Daarna de toerekeningsvraag van artikel 6:98 BW: kan de schade de dader redelijkerwijs worden toegerekend? Hier gaat het in de praktijk vaak mis, juist bij indirecte schade.
5. De geschonden norm beschermt ú: het relativiteitsvereiste
Dit is het vereiste dat cliënten het minst kennen en dat rechters het scherpst toetsen. Artikel 6:163 BW bepaalt dat er geen schadevergoeding verschuldigd is als de geschonden norm niet strekt tot bescherming tegen de schade die u heeft geleden.
Een voorbeeld. Een gemeente verleent ten onrechte een vergunning aan uw concurrent. U lijdt omzetverlies. De vergunningsregel is er echter voor de ruimtelijke ordening, niet om u tegen concurrentie te beschermen. Dan kan uw vordering stranden, hoe onrechtmatig het besluit ook was.
Wanneer bent u aansprakelijk voor de fouten van een ander?
De wet legt op een aantal plekken risicoaansprakelijkheid op. U betaalt dan zonder dat u zelf iets verkeerds deed.
- Werkgevers zijn aansprakelijk voor fouten van hun ondergeschikten (artikel 6:170 BW), mits de fout verband houdt met de opgedragen taak.
- Ouders van kinderen jonger dan veertien jaar zijn aansprakelijk voor hun gedragingen (artikel 6:169 BW).
- Bezitters van opstallen zijn aansprakelijk als een gebrekkig gebouw gevaar oplevert en dat gevaar zich verwezenlijkt (artikel 6:174 BW).
- Bezitters van dieren zijn aansprakelijk voor schade die het dier aanricht (artikel 6:179 BW).
Voor ondernemers is die eerste categorie het meest relevant. Uw medewerker veroorzaakt bij een klant schade, en u staat aan de lat. Meer hierover leest u in mijn artikel over aansprakelijkheid voor hulppersonen.
Kunnen wanprestatie en onrechtmatige daad samen opgaan?
Ja. Dat heet samenloop. Een aannemer die uw dak ondeugdelijk repareert, schiet tekort in de overeenkomst. Als het dak vervolgens instort en de auto van uw buurman beschadigt, handelt hij jegens die buurman onrechtmatig.
Tussen contractspartijen is het wel oppassen. Als een contract de aansprakelijkheid beperkt, kunt u die beperking meestal niet omzeilen door uw vordering ineens als onrechtmatige daad te presenteren. De rechter kijkt dan naar wat partijen hebben afgesproken.
Wanneer kan een bestuurder persoonlijk aansprakelijk zijn?
Een BV schiet tekort. De BV is leeg. Kunt u de bestuurder persoonlijk aanspreken? Soms wel, op grond van onrechtmatige daad. De lat ligt hoog: de bestuurder moet een persoonlijk ernstig verwijt kunnen worden gemaakt. Het klassieke voorbeeld is de bestuurder die verplichtingen namens de BV aangaat terwijl hij weet dat de BV die niet kan nakomen. Dat is de zogeheten Beklamel-norm.
Hoe beperkt eigen schuld uw schadevergoeding?
Heeft u zelf bijgedragen aan de schade, dan wordt de vergoeding verminderd (artikel 6:101 BW). De rechter verdeelt de schade naar de mate waarin ieders fout heeft bijgedragen. Soms vereist de billijkheid een andere verdeling, bijvoorbeeld bij kwetsbare slachtoffers zoals kinderen.
Daarnaast geldt de schadebeperkingsplicht: u moet redelijke maatregelen nemen om uw schade niet onnodig te laten oplopen. Wie een lekkage laat doorlopen terwijl hij die had kunnen stoppen, krijgt de extra schade niet vergoed. Zie ook mijn artikel over schadevergoeding.
Hoe lang heeft u om uw vordering in te stellen?
Een vordering uit onrechtmatige daad verjaart vijf jaar na de dag waarop u bekend bent geworden met de schade én met de aansprakelijke persoon (artikel 3:310 BW). Daarnaast geldt een absolute termijn van twintig jaar na de gebeurtenis.
Die vijf jaar lijkt ruim. Dat is het niet. Bewijs vervaagt, getuigen vergeten, bedrijven verdwijnen. Wie twijfelt, stuurt tijdig een stuitingsbrief.
Veelgestelde vragen over onrechtmatige daad
Wat is het verschil tussen wanprestatie en onrechtmatige daad?
Bij wanprestatie schiet iemand tekort in een overeenkomst met u. Bij een onrechtmatige daad overtreedt iemand een norm die voor iedereen geldt. Een contract is voor onrechtmatige daad niet nodig.
Moet ik bewijzen dat de dader opzettelijk handelde?
Nee. Verwijtbaarheid volstaat, en bij risicoaansprakelijkheid is zelfs dat niet nodig. Opzet is wel relevant bij de vraag of een aansprakelijkheidsverzekering dekt.
Kan ik smartengeld krijgen bij een onrechtmatige daad?
Alleen in de gevallen van artikel 6:106 BW, zoals lichamelijk letsel, aantasting van eer en goede naam of een andere aantasting in uw persoon. Ergernis of frustratie alleen is onvoldoende.
Is mijn werkgever aansprakelijk als ik op het werk schade veroorzaak?
In beginsel wel, als de fout verband houdt met uw werkzaamheden. De werkgever kan u zelf in de regel alleen aanspreken bij opzet of bewuste roekeloosheid.
Hoe bewijs ik een onrechtmatige daad?
Met foto’s, e-mails, getuigenverklaringen, deskundigenrapporten en, waar mogelijk, een politierapport. Leg alles direct vast. Bewijs dat na drie maanden wordt verzameld, overtuigt aanzienlijk minder.
Schade geleden door een ander? Advocaat in Veghel
Een onrechtmatige daad lijkt eenvoudig: iemand deed iets fout, u lijdt schade, dus hij betaalt. De werkelijkheid is weerbarstiger. Relativiteit, causaal verband en eigen schuld bepalen of u uiteindelijk iets ontvangt, en hoeveel.
Heeft u schade geleden, of wordt u zelf aangesproken? Neem contact op. Ik beoordeel uw positie en vertel u eerlijk of een procedure zin heeft.